![]()
Klettersteige zijn steenlagen waarbij kunstmatig een route is aangebracht
zoals ladders, staaldraden en andere geďnstalleerde hulpmiddelen. Wanneer u
gebruik maakt van deze hulpmiddelen spreken we niet meer van bergwandelen,
maar de eenvoudigste manier van bergbeklimmen (Klettersteige). Klettersteige
zou u kunnen zien als de overgang tussen bergwandelen en rotsklimmen.

Ondanks alle hulpmiddelen zoals uitrusting en dergelijke wordt er ook
aanspraak gedaan op uw vermogen tot het technisch klimmen (op laag niveau).
Zonder een speciale uitrusting is klettersteigen gevaarlijk. Een veilige
klettersteig maakt daarom vaak gebruik van de volgende uitrustingsstukken:
• Klimgordel (heupgordel (+borstgordel) of een
intergraalgordel)
• Klettersteig mechanisme (remsysteem).
• 2 (klettersteig)carabiners met eventueel een twistlocksluiting.
• 1 hulptouw van ongeveer 15 to 20m lengte (d= ongeveer 10mm).
• Een goede steenslaghelm.
• Eventueel leren handschoenen (tegen verwondingen van het staaldraad).
Bij een klettersteig is het belangrijk dat het touw op borsthoogte wordt
aangebonden. Dit heeft te maken met uw lichaamszwaartepunt. Wanneer u
namelijk komt te vallen kunt u niet door het gewicht van uw bovenlichaam (helemaal
wanneer u ook nog een rugzak draagt) achterover klappen.

Om deze klap goed op te vangen, voor zowel uw lichaam als het materiaal,
kunt u gebruik maken van een zogenaamde valvertrager. De valvertrager heeft
als eigenschap dat deze een valfaktor kan houden die groter is dan 2. (zie
zekertheorie)

Enkele van de moderne valvertragers hebben een bijzondere constructie. Deze
constructie kun je na een valfactor die groter is geweest dan 2, niet meer
gebruiken.
Rechts ziet u twee valvertragers van Petzl afgebeeld. Links is de
valvertrager met een wrijvingsplaatje, dit is een voorwerp waar het touw
doorheen is geweven. De wrijving in dit mechanisme is zo groot, dat het touw
alleen wordt doorgevoerd als er daadwerkelijk een val wordt gemaakt. Aan het
uiteinde is het touw aan elkaar geweven. Bij een valfaktor 3 wordt de
weefconstructie uit elkaar getrokken.
Bij de rechter valvertrager is het touw direct aan elkaar geweven. Bij een
grote valfaktor zal hier gelijk de weefconstructie uit elkaar getrokken
worden. Wanneer de weefconstructie uit elkaar is getrokken mag de
remvertrager in de toekomt niet meer gebruikt worden (men kan natuurlijk wel
de klettersteige op dat moment afmaken tot het eind).

Het gebruik van een klettersteige is eigenlijk heel simpel. Je moet ervoor
zorg dragen dat je altijd gezekerd blijft aan de staalkabel. Wanneer je geen
remvertrager hebt mag je niet een steilere klim maken dan onder een hoek van
15 graden. Doe je dit wel en je komt te vallen, dan is de klap zo groot dat
je gemakkelijk je rug kunt breken.
Zorg altijd dat je de twee carabiners verbonden houdt aan de staalkabel,
tenzij je bij een verankeringspunt moet overklikken.
|
|

Bij horizontale verplaatsingen langs een staalkabel kun je gebruik maken van
rustmomenten door een carabiner van b.v. je lifeline vast te maken aan een
trappetje.

Klik de carabiner van een valvertrager nooit aan een draaglus van de gordel.
Hierdoor kunnen gemakkelijk misverstanden ontstaan of je materiaallus bij
een val doen breken (en je lichaam klapt door deze klap opzij).
Het is ook mogelijk om een klettersteigbremse te kopen. Dit is een apparaat
met allemaal ogen waardoor een 2 meter-lijntje loopt.
De klettersteigbremse wordt dan op borsthoogte aangebonden. Het remtouw (in
dit geval met een lengte van 2 meter) zal dan genoeg remkracht moeten kunnen
leveren dat de achtknoop niet in de valvertrager wordt vastgetrokken.
Tijdens een val wordt de vrije touwlengte door de valvertrager getrokken,
welke een dynamische remwerking heeft. Door deze remwerking worden de
krachten gereduceerd. Het is belangrijk dat de diameter van het touw in
overeenstemming is met de valvertrager, zodat het touw precies door de
gaatjes van het remapparaat passen.
Het gebruik van leren handschoenen wordt aangeraden vanwege de uitstekende
staalvezels die kunnen voorkomen bij een staaldraad.
Zoals eerder genoemd moet u tijdens een klettersteig constant gezekerd zijn
aan een staaldraad of dergelijke. Om deze zekering constant te kunnen
waarborgen maak u gebruik van de beide uiteinden, waaraan de carabiners zijn
bevestigd, van uw 5-meter-lijntje. Tijdens de tocht dient u altijd met een
carabiner te zijn aangelijnd. Wanneer u bij een verankeringspunt van de
staaldraad komt, kunt u de andere carabiner, welke is bevestigd aan uw
gordel, aan de andere zijde van het verankeringspunt plaatsen.
Pas dan verwijderd u de andere carabiner en bevestigd u deze aan uw gordel.
Dankzij deze methode blijft u continue gezekerd. Als er bij b.v. een trap
een staaldraad ontbreekt kunt u de stalen ladders gebruiken om uzelf hieraan
te zekeren. U gebruikt hier hetzelfde zekeringsprincipe, pas de onderste
carabiner verwijderen als de andere veilig is aangebracht. Verder geef ik u
nog enkele tips die van toepassing zijn bij. de hillwalk:
• Bij extreme weersomstandigheden, zoals onweer en
dergelijke, kan een klettersteig/hillwalk route levensgevaarlijk zijn. Maak
alleen gebruik van de stalen constructies als het weer dit toelaat.
• Elke grip of voetsteun moet u dubbel checken op stevigheid. Ladders,
staaldraden en dergelijke kunnen na een tijdje losraken, alhoewel deze
regelmatig worden gecontroleerd en gerepareerd.
• Tussen twee verankeringspunten is slechts een persoon toegestaan.
• Staaldraden zijn vaak beschadigd, waaraan u zich kunt verwonden. Het
gebruik van lederen handschoenen werkt preventief.
• Controleer altijd eerst uw uitrusting voordat u aan een hillwalk begint.
Vooral een steenslaghelm is erg belangrijk wanneer er meerdere personen voor
u uit klimmen. Zij kunnen stenen lostrappen, die vervolgens met een grote
valsnelheid op uw hoofd kunnen belanden.
• Bepaal uw eigen tempo en laat uzelf niet opjagen door andere hillwalkers.
Tijdens de hillwalk is uw veiligheid belangrijker dan de haast van een ander.
In de praktijk wordt vaak een klettersteige uitgehangen om op moeilijk
berijkbare posities te kunnen komen. Wanneer b.v. een statische lijn wordt
gespannen langs meerdere bomen omhoog, kan men zich zekeren met een prussik
of een stijgklem (voor de werking zie knooptechnieken en materiaal). In de
volgende afbeelding ziet u dat de verticale verplaatsing gezekerd moet zijn
met een prussik, bij de horizontale verplaatsing kan men gebruik maken van
een lifeline (met 2 carabiners).

Men is snel geneigd om geen prussik aan te leggen maar slechts een lifeline
met 2 carabiners. De keuze is vaak afhankelijk van het terrein en
uiteindelijk de vraag: “pas ik wel of geen prussikklim toe”.
Het aanleggen van een klettersteige kan heel simpel. Knoop bij elk
verankeringspunt een achtknoop in het touw, sla deze om een boom en veranker
deze vervolgens weer aan het hoofdtouw. Je kunt hiervoor het beste majons
gebruiken (goedkoop en sterk).
Wanneer je geen voldoende carabiners of majons op vooraad hebt, maak dan
gebruik van de paalsteek, anngelegd op dubbel touw (zie knooptechnieken).
Maak de tussenafstanden tussen de verankeringspunten niet te groot (maximaal
6 meter), tenzij je gebruik maakt van een prussikklim.
|
|