De klettersteig, via ferrata of hillwalk
door Art de Lange



Klettersteige zijn steenlagen waarbij kunstmatig een route is aangebracht zoals ladders, staaldraden en andere geďnstalleerde hulpmiddelen. Wanneer u gebruik maakt van deze hulpmiddelen spreken we niet meer van bergwandelen, maar de eenvoudigste manier van bergbeklimmen (Klettersteige). Klettersteige zou u kunnen zien als de overgang tussen bergwandelen en rotsklimmen.



Ondanks alle hulpmiddelen zoals uitrusting en dergelijke wordt er ook aanspraak gedaan op uw vermogen tot het technisch klimmen (op laag niveau).
Zonder een speciale uitrusting is klettersteigen gevaarlijk. Een veilige klettersteig maakt daarom vaak gebruik van de volgende uitrustingsstukken:

• Klimgordel (heupgordel (+borstgordel) of een intergraalgordel)
• Klettersteig mechanisme (remsysteem).
• 2 (klettersteig)carabiners met eventueel een twistlocksluiting.
• 1 hulptouw van ongeveer 15 to 20m lengte (d= ongeveer 10mm).
• Een goede steenslaghelm.
• Eventueel leren handschoenen (tegen verwondingen van het staaldraad).


Bij een klettersteig is het belangrijk dat het touw op borsthoogte wordt aangebonden. Dit heeft te maken met uw lichaamszwaartepunt. Wanneer u namelijk komt te vallen kunt u niet door het gewicht van uw bovenlichaam (helemaal wanneer u ook nog een rugzak draagt) achterover klappen.



Om deze klap goed op te vangen, voor zowel uw lichaam als het materiaal, kunt u gebruik maken van een zogenaamde valvertrager. De valvertrager heeft als eigenschap dat deze een valfaktor kan houden die groter is dan 2. (zie zekertheorie)



Enkele van de moderne valvertragers hebben een bijzondere constructie. Deze constructie kun je na een valfactor die groter is geweest dan 2, niet meer gebruiken.
Rechts ziet u twee valvertragers van Petzl afgebeeld. Links is de valvertrager met een wrijvingsplaatje, dit is een voorwerp waar het touw doorheen is geweven. De wrijving in dit mechanisme is zo groot, dat het touw alleen wordt doorgevoerd als er daadwerkelijk een val wordt gemaakt. Aan het uiteinde is het touw aan elkaar geweven. Bij een valfaktor 3 wordt de weefconstructie uit elkaar getrokken.
Bij de rechter valvertrager is het touw direct aan elkaar geweven. Bij een grote valfaktor zal hier gelijk de weefconstructie uit elkaar getrokken worden. Wanneer de weefconstructie uit elkaar is getrokken mag de remvertrager in de toekomt niet meer gebruikt worden (men kan natuurlijk wel de klettersteige op dat moment afmaken tot het eind).



Het gebruik van een klettersteige is eigenlijk heel simpel. Je moet ervoor zorg dragen dat je altijd gezekerd blijft aan de staalkabel. Wanneer je geen remvertrager hebt mag je niet een steilere klim maken dan onder een hoek van 15 graden. Doe je dit wel en je komt te vallen, dan is de klap zo groot dat je gemakkelijk je rug kunt breken.
Zorg altijd dat je de twee carabiners verbonden houdt aan de staalkabel, tenzij je bij een verankeringspunt moet overklikken.

 
 



Bij horizontale verplaatsingen langs een staalkabel kun je gebruik maken van rustmomenten door een carabiner van b.v. je lifeline vast te maken aan een trappetje.



Klik de carabiner van een valvertrager nooit aan een draaglus van de gordel. Hierdoor kunnen gemakkelijk misverstanden ontstaan of je materiaallus bij een val doen breken (en je lichaam klapt door deze klap opzij).
Het is ook mogelijk om een klettersteigbremse te kopen. Dit is een apparaat met allemaal ogen waardoor een 2 meter-lijntje loopt.
De klettersteigbremse wordt dan op borsthoogte aangebonden. Het remtouw (in dit geval met een lengte van 2 meter) zal dan genoeg remkracht moeten kunnen leveren dat de achtknoop niet in de valvertrager wordt vastgetrokken. Tijdens een val wordt de vrije touwlengte door de valvertrager getrokken, welke een dynamische remwerking heeft. Door deze remwerking worden de krachten gereduceerd. Het is belangrijk dat de diameter van het touw in overeenstemming is met de valvertrager, zodat het touw precies door de gaatjes van het remapparaat passen.
Het gebruik van leren handschoenen wordt aangeraden vanwege de uitstekende staalvezels die kunnen voorkomen bij een staaldraad.
Zoals eerder genoemd moet u tijdens een klettersteig constant gezekerd zijn aan een staaldraad of dergelijke. Om deze zekering constant te kunnen waarborgen maak u gebruik van de beide uiteinden, waaraan de carabiners zijn bevestigd, van uw 5-meter-lijntje. Tijdens de tocht dient u altijd met een carabiner te zijn aangelijnd. Wanneer u bij een verankeringspunt van de staaldraad komt, kunt u de andere carabiner, welke is bevestigd aan uw gordel, aan de andere zijde van het verankeringspunt plaatsen.
Pas dan verwijderd u de andere carabiner en bevestigd u deze aan uw gordel. Dankzij deze methode blijft u continue gezekerd. Als er bij b.v. een trap een staaldraad ontbreekt kunt u de stalen ladders gebruiken om uzelf hieraan te zekeren. U gebruikt hier hetzelfde zekeringsprincipe, pas de onderste carabiner verwijderen als de andere veilig is aangebracht. Verder geef ik u nog enkele tips die van toepassing zijn bij. de hillwalk:

• Bij extreme weersomstandigheden, zoals onweer en dergelijke, kan een klettersteig/hillwalk route levensgevaarlijk zijn. Maak alleen gebruik van de stalen constructies als het weer dit toelaat.
• Elke grip of voetsteun moet u dubbel checken op stevigheid. Ladders, staaldraden en dergelijke kunnen na een tijdje losraken, alhoewel deze regelmatig worden gecontroleerd en gerepareerd.
• Tussen twee verankeringspunten is slechts een persoon toegestaan.
• Staaldraden zijn vaak beschadigd, waaraan u zich kunt verwonden. Het gebruik van lederen handschoenen werkt preventief.
• Controleer altijd eerst uw uitrusting voordat u aan een hillwalk begint. Vooral een steenslaghelm is erg belangrijk wanneer er meerdere personen voor u uit klimmen. Zij kunnen stenen lostrappen, die vervolgens met een grote valsnelheid op uw hoofd kunnen belanden.
• Bepaal uw eigen tempo en laat uzelf niet opjagen door andere hillwalkers. Tijdens de hillwalk is uw veiligheid belangrijker dan de haast van een ander.


In de praktijk wordt vaak een klettersteige uitgehangen om op moeilijk berijkbare posities te kunnen komen. Wanneer b.v. een statische lijn wordt gespannen langs meerdere bomen omhoog, kan men zich zekeren met een prussik of een stijgklem (voor de werking zie knooptechnieken en materiaal). In de volgende afbeelding ziet u dat de verticale verplaatsing gezekerd moet zijn met een prussik, bij de horizontale verplaatsing kan men gebruik maken van een lifeline (met 2 carabiners).



Men is snel geneigd om geen prussik aan te leggen maar slechts een lifeline met 2 carabiners. De keuze is vaak afhankelijk van het terrein en uiteindelijk de vraag: “pas ik wel of geen prussikklim toe”.
Het aanleggen van een klettersteige kan heel simpel. Knoop bij elk verankeringspunt een achtknoop in het touw, sla deze om een boom en veranker deze vervolgens weer aan het hoofdtouw. Je kunt hiervoor het beste majons gebruiken (goedkoop en sterk).
Wanneer je geen voldoende carabiners of majons op vooraad hebt, maak dan gebruik van de paalsteek, anngelegd op dubbel touw (zie knooptechnieken).
Maak de tussenafstanden tussen de verankeringspunten niet te groot (maximaal 6 meter), tenzij je gebruik maakt van een prussikklim.